Nieuwsbrief van Zuster Emmanuel van 15 oktober 2012


Dierbare kinderen van Medjugorje,

Geprezen zijn Jezus en Maria!

Dierbare kinderen van Medjugorje,

1 – Op 2 oktober 2012 had Mirjana haar maandelijkse verschijning bij het Blauwe Kruis in bijzijn van een grote menigte mensen. Na de verschijning gaf ze de volgende boodschap door:

“Lieve kinderen, ik roep jullie op en kom naar jullie toe omdat ik jullie nodig heb. Ik heb apostelen nodig met een zuiver hart. Ik bid - en dat moet ook jullie bede zijn - dat de Heilige Geest jullie helpt en leidt, dat Hij jullie verlicht en vervult met liefde en nederigheid. Bid dat Hij jullie vervult met genade en barmhartigheid. Pas dan zullen jullie mij begrijpen, mijn kinderen. Pas dan zullen jullie begrijpen hoeveel ik lijd voor diegenen die de liefde van God niet hebben leren kennen. Dan zullen jullie mij kunnen helpen. Jullie zullen mijn dragers van het licht van Gods liefde worden. Jullie zullen het pad verlichten voor al wie ogen gekregen heeft maar niet wil zien. Het is mijn wens dat al mijn kinderen mijn Zoon zien. Het is mijn wens dat al mijn kinderen Zijn Koninkrijk mogen beleven. Opnieuw roep ik jullie op en smeek ik jullie om te bidden voor diegenen die door mijn Zoon geroepen werden. Ik dank jullie.”

2 – Tot Jezus door Maria. Janet, een Ierse pelgrim, vertelde vol vreugde het volgende verhaal: “Ik ben katholiek vanaf mijn prilste kindertijd en ging elke zondag naar de H. Mis, uit gewoonte omdat dat zo hoorde. Mijn man is niet katholiek maar hindoe. Toch hadden we besloten, dat we onze drie kinderen katholiek zouden opvoeden, en hen elke zondag zouden meenemen naar de Zondagsmis en we stuurden ze naar een katholieke school, enz … Ik was van mening dat dit mijn plicht voor hen was. Ik heb echter nooit over God gesproken met hen en nooit samen gebeden. In feite beleefde ik een oppervlakkige godsdienst, zonder geloof met het hart. Bovendien had een christen me gezegd, dat Jezus niet echt aanwezig is in de H. Hostie en dat het belachelijk is te geloven in Zijn werkelijke tegenwoordigheid. Zo waren er stilaan twijfels bij mij ontstaan ten aanzien van het katholieke geloof. Tijdens de H. Mis dacht ik aan van alles en nog wat, behalve aan God, en bijzonder verveeld wachtte ik altijd tot het afgelopen was.

Een goede vriendin had meerdere keren tegen me gezegd: “Ga mee naar Medjugorje”. Uiteindelijk gaf ik toe, omdat ze zo aandrong. In mei 1997 gingen we met een groepje van zes vriendinnen naar Medjugorje. Ik ging uit van een leuk vriendinnen reisje, waarbij we samen van de zon en natuur zouden genieten en veel met elkaar zouden kletsen. Cool.... Het kwam echter geen seconde in me op, dat we zouden gaan bidden.

Zo gingen de eerste dagen voorbij. Het eten was heelijk, zuivere lucht, de zonnestralen op mijn huid waren lekker warm … Een ideale vakantie, voor mij. Op de derde dag nam onze Ierse gids ons in een oud en versleten busje mee, we reden een eind buiten het dorp, om de H. Mis te gaan vieren bij Pater Jozo in Siroki-Brijeg. Daar waar dertig Franciscanen tijdens de oorlog van 1940-1944 de marteldood stierven. De grote kerk was bomvol. Alle banken waren bezet en de pelgrims stonden ook in de gangpaden, zodat je niet meer door de kerk kon lopen. Ik ben dus buiten gebleven om wat te babbelen en te zonnebaden. Toen gebeurde er iets bijzonders …

Een onbekende man nam me heel vriendelijk bij de hand en leidde me door het middenpad van de kerk, dwars door de mensenmassa, zonder enig probleem, alsof zich een doorgang heel natuurlijk voor ons vormde. Hij zette me voor de treden van het altaar, recht tegenover de priester, die de H. Mis begon. De man was toen opeens verdwenen. Ik had de beste plaats van allemaal. Ik dacht dat ik droomde, het was zo irreëel aan een kant, en aan de andere kant leek alles zo normaal. Ik herinner me niets van het begin van de Mis, maar toen de priester na de consecratie de Hostie omhoog hief, werd deze voor mijn ogen heel groot en Onze Heer Jezus-Christus verscheen levend in de Hostie. Hij keek naar me. Vanaf dat moment heb ik heel mijn verblijf in Medjugorje nog alleen maar gehuild. Mijn leven is vanaf toen helemaal veranderd.

Toen ik thuis was gekomen begon ik met de gewoonte om elke dag naar de H. Mis te gaan. Hieruit put ik nu al mijn kracht en levensvreugde. Jezus is mijn belangrijkste voedsel geworden. Mijn Hindoe-echtgenoot luisterde met respect naar mijn getuigenis, maar bleek niet onder de indruk, zelfs niet door mijn grote verandering. Ik heb hem trouwens nooit willen overtuigen, noch van mijn geloof willen getuigen, ook omdat hij me vrij liet mijn eigen geloof te praktiseren. Ik heb veel voor hem gebeden. Enkele jaren later, toen ik me klaar maakte om naar de Mis te gaan, zei hij eenvoudig: “Ik ga mee.”

Om een lang verhaal kort te maken: Hij is nu Katholiek gedoopt en we delen hetzelfde Geloof … O, hoe verlang ik ernaar om met mijn leven vanaf ‘nul’ te beginnen. En wat had ik graag heel mijn jeugd doorgebracht met Jezus. Wat heb ik spijt van die verloren tijd. Er gaat geen dag voorbij, dat ik God niet dank omdat Hij zich aan mij geopenbaard heeft. Ik bid nu voor alle katholieken, die zijn zoals ik was: lauw. Moge Maria vele, vele zielen raken om ze te leiden naar de levende Jezus.”

3 – Het jaar van het Geloof is begonnen. Welk een mooie ingeving van Benedictus XVI. Gezien de geestelijke verwarring en de dorst van de mensen is het heel belangrijk dat we de ware fundamenten van ons geloof terugvinden.

De Gospa nodigt ons uit tot een “sterk geloof”. Waarom is ons geloof zo belangrijk ? Vaak horen we: “Ik ben gelovig maar niet praktiserend”. Men verwart het geloof met het weten. Als ik weet dat God bestaat, dan is dit reeds een goede gedachte. Dat maakt echter van mij geen gelovige. De duivels weten immers ook dat God bestaat. In het Hebreeuws en in de Bijbel is het woord GELOOF, Emouna (waaruit “Amen” komt). Het betekent gehecht zijn aan. Als ik zeg “Ik geloof in Jezus (ani maamin)”, dan wil dat zeggen dat ik gehecht ben aan Jezus. Hij en ik zijn onafscheidbaar. Ik ben volledig verbonden. Ik vorm met Hem één lichaam: ik ben met Hem, waar Hij is, waar Hij gaat, ik lijd met Hem en verheug me met Hem. Ik ben gehecht aan zijn Woord, ik beleef het Evangelie. Ik doe wat Hij zegt. In één woord: ik ben één met Hem. Ik kan niet in Jezus geloven en er niet naar streven het Evangelie te beleven. Dat zou betekenen, dat ik Jezus en zijn Woord van elkaar scheid … Onmogelijk, Hij is het levende Woord.

De uitnodiging van Benedictus XVI is een prachtig redmiddel voor ons allen te midden van de geloofscrisis waarin we ons bevinden, en die de Kerk doormaakt in vele van haar leden. Laten we de geïnspireerde richtlijnen van de Paus volgen, dan zullen we uit het relativisme bevrijd worden dat ons ondermijnt. We zullen ontsnappen uit de golven van New-Age, die ons in de illusie willen dompelen van allerhande geloven “à la carte”, en die losgekoppeld zijn van de Menswording en de persoon van Christus.

In Medjugorje herstelt Maria deze ontkoppeling. De pelgrims geven uiting aan hun geestelijke zoektocht op allerlei verschillende plaatsen, waarbij ze zich fundamentele vragen stellen over het geloof, en ze krijgen dan allerhande versies te horen van deze of gene, al naar gelang diens pet staat. En zo raken ze verward. De Catechismus van de Katholieke Kerk wordt nog niet in alle gezinnen gelezen.(Een onmisbaar boek in dit jaar van het Geloof). Vaak volstaat het echter om hen te zeggen: “De heilige Maagd heeft gezegd …” waarbij ze dan diep geraakt worden, en dat of dat bepaalde punt van het geloof van de Kerk dan kunnen aannemen, dat ze even te voren hoorden. Zo leert New-Age, bijvoorbeeld, de mogelijkheid van reïncarnatie. Sommige katholieken zijn er uiteindelijk in gaan geloven, ondanks het feit dat het in strijd is met de leer van de Kerk. In Medjugorje is Maria heel duidelijk: “Reïncarnatie bestaat niet”(Dit zei ze tegen Vicka). Na de dood is er de eeuwigheid. Het is een leugen te leren, dat men meerdere keren geboren kan worden op aarde”.

Dank aan onze dierbare Gospa, dat ze ons geloof komt versterken. Het is samen met Haar, dat we dit Jaar van het Geloof zullen beleven. Met Haar, die niet ophoudt ons aan haar Zoon aan te bieden, opdat wij ons aan Hem zouden hechten. “Zonder Hem, zegt ze, hebben jullie geen vrede, geen vreugde, geen toekomst, geen eeuwig leven”.

4 – Ik ben terug van een dubbele zending in Spanje (9 steden) en in Italië (4 steden). Het was voor mij een echte troost de warme ontvangst te zien van zoveel harten, die openstaan voor de boodschappen. Er zijn nog andere steden, die ons gevraagd hebben. De Hemel heeft immers de harten voorbereid. De werkers van de oogst zijn echter weinig talrijk. Duizenden harten zouden klaar zijn om Christus te volgen, maar ontmoeten nooit een getuige. Zullen ze verder blijven dwalen in de nacht van een wereld zonder Jezus ? Er worden gelovigen gevraagd,… die getuigen…

Als een hart de levende God ontdekt, dan ontdekt het de immense schoonheid en pracht van het Christendom, en het vraagt zich af hoe het mogelijk geweest is zo lang te hebben geleefd zonder deze schoonheid, zonder dit goddelijk leven, dat de grenzen van de zichtbare wereld overschrijdt. Het menselijk hart verlangt ten diepste de waarheden van ons geloof. Zou er één heilige zijn die er spijt van heeft gehad met heel zijn wezen aan Christus gehecht geweest te zijn ?

5 – Op 22 oktober vieren we de gedachtenis van de Zalige Johannes-Paulus II. Daar, waar hij nu is, gaat hij verder met zijn zending, vooral bij de jongeren, opdat ze de zin zouden vinden van hun leven en Jezus op de eerste plaats zouden stellen. Ik ben er zeker van dat hij nog mooie wonderen voorbereidt van bekering, genezing en bevrijding … Laten we die dag niet zonder zijn zegen voorbijgaan.

6 – Op 1 November vieren we Allerheiligen. De Gospa nodigt ons uit hun levens te lezen en hen tot voorbeeld te nemen. Zouden we die dag niet wat tijd kunnen besteden in de familie, om een DVD te bekijken of een CD te beluisteren over het leven van een heilige ?

Lieve Gospa, U de “gelovige” bij uitstek, U hebt geen vrees U uit te spreken voor uw Zoon.

Geef ons Uw moed en Uw nederigheid om Zijn licht te tonen aan hen,

die het geluk nog niet hebben om Hem te kennen ?


Zr. Emmanuel
Vertaald uit het Frans
© Enfants de Medjugorje oktober 2012